Regelmatig krijgt het Aids Fonds vragen over haar beleggingsbeleid. Daar kunnen we heel kort over zijn: het Aids Fonds belegt niet.
De financiële middelen van het Aids Fonds worden op spaar- en betaalrekeningen geplaatst tegen een vooraf afgesproken vast rentepercentage (spaarrekening) en aan EURIBOR gerelateerde rentepercentages (betaalrekening).
Het primaire doel van het Aids Fonds is om de doelstellingen zo goed mogelijk te realiseren en alle middelen daarvoor in te zetten. Risicovol beleggen past niet in de visie van het Aids Fonds.
Net als andere goede doelen heeft het Aids Fonds reserves. Een reserve hiervan - de continuïteitsreserve - waarborgt de verplichtingen van de organisatie. Het Aids Fonds volgt in dit opzicht de richtlijn Reserves Goede Doelen van de VFI (Vereniging Fondsenwervende Instellingen).
Eind 2008 was de continuïteitsreserve van het Aids Fonds 1,5 miljoen euro, bijna 6 keer minder dan toegestaan in de richtlijn Reserves Goede Doelen (volgens de richtlijn mag het Aids Fonds 8,4 miljoen in de continuïteitsreserve houden).
Daarnaast zijn er bestemmingsreserves en fondsen (4,1 miljoen) met een specifiek doel op de korte- en middenlange termijn (1 tot 3 jaar). Eind 2008 is een overige reserve ontstaan (2,1 miljoen) door bijzondere bijdragen uit een tweetal legaten, die niet voorzien waren. Hiervoor worden in 2009 specifieke bestedingsplannen ontwikkeld.